artikelen over geschiedenis didactiek
Het Adrianus dossier
Joris Tulkens.
Het Adrianus Dossier
Sterck & Devreese, 2024, 269 blz.
Inhoud
- Alle artikelen uit 2009
- Alle artikelen uit 2010
- Alle artikelen uit 2011
- Alle artikelen uit 2012
- Alle artikelen uit 2013
- Alle artikelen uit 2014
- Alle artikelen uit 2015
- Alle artikelen uit 2016
- Alle artikelen uit 2017
-
- Alle artikelen uit 2019
- Alle artikelen uit 2020
- Alle artikelen uit 2021
- Alle artikelen uit 2022
- Alle artikelen uit 2023
- Alle artikelen uit 2024
- Alle artikelen uit 2025
- Columns over onderwijs
Het Adrianus dossier
Bijlage 2. Bedevaarten. ‘Homo
viator’, de mens als reiziger naar de eeuwigheid
Pelgrimage,
het reizen met religieuze bedoelingen naar heilige
plaatsen is een universeel religieus fenomeen, veel
ouder en veel meer verspreid dan het christendom. De
pelgrim onderneemt een moeizame tocht ter loutering naar
een heilige plaats, om daar zelf geheiligd te worden of
‘verdiensten’ te verwerven voor zichzelf, familieleden,
levend of reeds in het hiernamaals. Of voor de persoon,
die betaald had om in zijn/haar plaats de moeizame tocht
te maken. De enige manier om aan de duivels en de hel te
ontkomen, was boete te doen voor bedreven zonden. En op
bedevaart trekken was de beste manier daarvoor.
Onophoudelijk trokken menigten pelgrims over de wegen,
zodra ijs en sneeuw geweken waren, tot laat in de
herfst. De mensen wilden lijfelijk de voorspraak van de
heiligen inroepen op de plaats zelf waar hun relikwieën
lijfelijk aanwezig waren. Zulke plaatsen waren talrijk
in Europa. Je had Conques, met het beeld van het
martelaresje Sainte Foy, volledig met goud bedekt en
schitterend van de juwelen, opgetooid als was ze een van
de heidense afgodsbeelden, waaraan zij zelf geweigerd
had te offeren in de 4de eeuw. In Chartres was er de
miraculeuze Zwarte Madonna en vooral het Heilige Hemd.
Men geloofde dat dit het onderkleed was, dat Maria droeg
bij de geboorte van Jezus. Alle relikwieën werden
tentoongesteld in kostbare schrijnen. Zelfs Bernardus
van Clairvaux, die zo tekeer ging tegen overdreven luxe
in kerkgebouwen, achtte het geoorloofd de resten van de
heiligen in goud te hullen. Al was hij het niet eens met
de commerciële uitbuiting ervan. Want relikwieën vormden
een bijzonder winstgevende bron van inkomsten voor de
kerk die ze bezat.
Maar doet dat
af aan de spirituele waarde van de tocht zelf? Op de
Camino, de weg naar Santiago, voel je in het gebergte op
het smalle, rotsige voetpad in de Rioja de ‘adem der
eeuwen’, de aanwezigheid van al die mensen, die je hier
eeuw na eeuw gedurende duizend jaren zijn voorafgegaan.Scherpenheuvel
kun je natuurlijk niet vergelijken met Santiago de
Compostela, Fatima, in Portugal of Mexico-stad, met de
basiliek van Onze-Lieve-Vrouw van Guadalupe
(beschermheilige van Mexico). Excessen zoals pelgrims,
pijnlijk voortschuifelend op bloedende knieën,
bijgestaan en ondersteund door familieleden, zagen wij
hier nog nooit.
De pompeuze basiliek van Scherpenheuvel is een exponent bij uitstek voor de periode van de triomfantelijke katholieke contrareformatie in de 17de eeuw, met jezuïetenkerken, -scholen en de exuberante barokke schilderijen van Rubens in de Antwerpse kerken als getuigen. En tevens voor de opgefokte jubelsfeer en de katholieke indoctrinatie die tot na het Tweede Vaticaans Concilie (afgesloten 1965) in katholieke landen alle aspecten van de maatschappij zou blijven doordesemen, op de eerste plaats aangestuurd door de jezuïeten.
Een getuigenis
De bedevaarten naar
Scherpenheuvel startten bij het begin van de maand mei,
de Mariamaand. Wij vertrokken te voet in groep rond
middernacht en arriveerden aan de steile helling voor
het heiligdom omstreeks 6 uur ‘s morgens bij dageraad,
vaak zingend of luidop biddend. En altijd bekaf.
De afstand tot
Scherpenheuvel bedroeg voor ons 28 km.
Dan volgde de
eucharistieviering. En vervolgens ontbijt in een van de
talrijke restaurants. Voor ons, ascetische studentjes,
was dat: koffie met meegebrachte boterhammen. Je kon dan
in de talrijke winkeltjes als souvenir driehoekige
bedevaartvaantjes kopen, of geëmailleerde metalen
plaatjes om thuis met minuscule spijkertjes bij te
nagelen op je pelgrimsstok. Of snoep. Of paternosters,
vrome boekjes en noem maar op. De terugreis? Met de
autobus. Wat dacht je?
En dan in ons laatste
jaar voortgezet onderwijs heb ik twee weekends na elkaar
die afstand afgelegd. De tweede keer in gezelschap van
een uitwisselingsstudent uit Minnesota, de eerste die we
ooit op onze school ontmoetten. De sympathieke jongen
had volgens eigen zeggen in zijn leven nooit meer dan 1
km. te voet gelopen of op een fiets gereden. We hebben
hem leren fietsen. En op deze uitputtende beproeving?
Met twee man ondersteund en half gedragen vanaf Diest
voor de laatste 8 km. Hij was niet eens katholiek, maar
baptist, maar wilde toch deze voor hem unieke ervaring
mee beleven.
Zie ook Vézelay en het middeleeuwse wereldbeeld p. 17-20.
Jos Martens, oktober 2025




